Het elektronisch voorschrift : wijzigingen op 01.01.2017
 
Aangemaakt op: 2016-12-24
Een groot aantal artsen en tandartsen maakt al elektronische voorschriften. Wat wijzigt er op 1 januari 2017?

Als de voorschrijver een elektronisch voorschrift opstelt, dan print hij met zijn software geen kopie van dat voorschrift meer af, maar wel een ‘bewijs van elektronisch voorschrift’.

Dat bewijs:

  • heeft geen wettelijke waarde (het wordt niet ondertekend)
  • heeft een andere lay-out dan het klassieke voorschrift
  • is slechts het technische middel voor de apotheker om toegang te krijgen tot het elektronisch voorschrift: op het bewijs staat maar 1 barcode (de Recip-e barcode of ‘RID’).

De inhoud van het elektronisch voorschrift primeert

Enkel de inhoud van het elektronisch voorschrift telt. De apotheker mag bij het uitvoeren van het elektronisch voorschrift dus geen rekening houden met manuele toevoegingen op het bewijs.

Wat verandert er voor de voorschrijver?

Na het opstellen van een elektronisch voorschrift, print de voorschrijver met zijn software voortaan een ‘bewijs van elektronisch voorschrift’ af. Hij overhandigt dat aan de patiënt.

Wat verandert er voor de patiënt?

Voor de patiënt verandert er niets: de patiënt bezorgt het ‘bewijs van elektronisch voorschrift’ aan de apotheker.

Wat verandert er voor de apotheker?

Door het ‘bewijs van elektronisch voorschrift’ zijn de elektronische voorschriften duidelijk herkenbaar voor de apotheker.

De apotheker:

  • scant de barcode op het  ‘bewijs van elektronisch voorschrift’ en kan op die manier het elektronisch voorschrift ophalen
  • voert het voorschrift uit en archiveert het elektronisch voorschrift
  • geeft het ‘bewijs van elektronisch voorschrift’ aan de patiënt terug (met een aanduiding dat het uitgevoerd werd, om misverstanden te vermijden).

Let op:
De apotheker kan het ‘bewijs van elektronisch voorschrift’ bij technische problemen bijhouden om later de administratie in orde te brengen.

Waarom nog een bewijs op papier?

Een papieren document met een barcode is voorlopig nog nodig om praktisch-technische redenen: de apotheker moet de barcode inscannen om het elektronisch voorschrift te kunnen ophalen.

2017 wordt een overgangsjaar:

  • Vanaf 1 januari 2018 worden de elektronische voorschriften de regel. Papieren voorschriften blijven uiteraard mogelijk in noodsituaties.
  • Het papieren ‘bewijs van elektronisch voorschrift’ zal ook progressief verdwijnen. Dat zal gebeuren wanneer de apotheker niet meer de barcode zal moeten scannen om het elektronisch voorschrift op te halen, maar in plaats daarvan de eID van de patiënt zal kunnen lezen.
  • Papier zal nog gebruikt kunnen worden als de patiënt dat wenst, maar dan eerder om de patiënt informatie te geven die verstaanbaar is en nuttig voor het correct gebruik van zijn geneesmiddelen (bv. in de vorm van een medicatieschema). 

Overgangsmaatregel en monitoring

Het nieuwe elektronische circuit bestaat uit verschillende diensten en tools die voor het eerst moeten interageren. Een technisch probleem ter hoogte van één van de schakels in het elektronische proces kan ervoor zorgen dat het opstellen, uitvoeren of archiveren van een elektronisch voorschrift niet mogelijk is.

Daarom wordt de volgende overgangsmaatregel voorzien:

Heeft de apotheker door aanhoudende technische problemen geen toegang tot het elektronisch voorschrift op de server van Recip-e of ondervindt hij technische problemen bij het archiveren? Dan mag hij uitzonderlijk de geneesmiddelen afleveren op basis van de informatie vermeld op het ‘bewijs van elektronisch voorschrift’. De apotheker duidt die situatie aan in het tariferingscircuit als een ‘geval van overmacht’.

Een monitoring van de gesignaleerde ‘gevallen van overmacht’ start vanaf 1 januari 2017, in het kader van de kwaliteitscontrole van het elektronisch circuit.

En het papieren voorschrift?

Voor het papieren voorschrift wijzigt niets. Een papieren voorschrift blijft geldig in 2017.

Blijven de papieren voorschriften van vóór 1 januari 2017 nog geldig?

De papieren voorschriften die opgesteld zijn vóór 1 januari 2017 blijven geldig.

Ze blijven recht geven op een terugbetaling van de geneesmiddelen tot het einde van de 3e kalendermaand die volgt op:

  • ofwel de datum van voorschrijven
  • ofwel de datum waarop de voorschrijver het voorschrift wil afgeleverd zien, als die vermeld is.

Lees onze omzendbrief ‘Geldigheidsduur van een geneesmiddelenvoorschrift’.

Wat doen in geval van technische problemen?

  • Voorschrijver:
    • De Helpdesk van de softwareprovider contacteren om de oorzaak van het probleem te identificeren.
    • In 2017 kan de voorschrijver nog altijd op papier voorschrijven.
    • Vanaf 1 januari 2018 zal ook de voorschrijver die aanhoudend technische problemen ondervindt, de mogelijkheid hebben om die situatie aan te geven als een ‘geval van overmacht’.
  • Apotheker:
    • De Helpdesk van de softwareprovider contacteren om de oorzaak van het probleem te identificeren.
    • Geen voorschrift op de Recip-e server beschikbaar:
      • Tijdens de periode van de overgangsmaatregel: situatie aanduiden als een ‘geval van overmacht’.
      • Na de periode van de overgangsmaatregel: geen aflevering uitvoeren (de voorschrijver kan het voorschrift geannuleerd hebben).
    • Tijdelijk technisch probleem ter hoogte van één van de systemen: later opnieuw proberen met behulp van het ‘bewijs van elektronisch voorschrift’. (In dat geval mag de apotheker het ‘bewijs van elektronisch voorschrift’  dus bijhouden)
    • Aanhoudend technisch probleem ter hoogte van één van de systemen: situatie aanduiden als een ‘geval van overmacht’.


Terug naar overzicht