Op 1 juli '22 zal een groot aantal aanpassingen in de nomenclatuur in werking treden.
Tot deze datum blijven de huidige regels van kracht. Een overzicht van deze aanpassingen:
Uitbreiden leeftijdsgrens jaarlijks mondonderzoek:
Op basis van de huidige nomenclatuur is de leeftijdsgrens voor het mondonderzoek 67 jaar. Het doel is om deze leeftijdsgrens af te schaffen om dit onderzoek toegankelijk te maken voor de hele bevolking ongeacht de leeftijd. In deze eerste fase wordt de leeftijdsgrens voor het jaarlijks preventief mondonderzoek uitgebreid naar 80 jaar.
Herwaardering 2de preventief mondonderzoek bij jongeren onder 18 jaar:
Voor jongeren onder de 18 jaar bestaan er twee prestaties voor een preventief mondonderzoek die eenmaal per kalenderjaar kunnen worden geattesteerd op voorwaarde dat ze tijdens twee verschillende kalendersemesters worden uitgevoerd. Deze prestaties hebben twee verschillende honoraria aangezien de toepassingsvoorwaarden voor de eerste prestatie ruimer zijn dan voor de tweede prestatie. Voor beide prestaties worden nu dezelfde toepassingsvoorwaarden en hetzelfde honorarium vastgesteld om de toegankelijkheid van preventieve zorg voor kinderen te verbeteren.
Extracties - aanpassing leeftijdsgrens en hervorming nomenclatuur:
Aanpassing van de leeftijdsgrens:
Extracties worden alleen terugbetaald voor de 18e verjaardag en na de 53e verjaardag. Het is onlogisch dat een prothese vergoed wordt vanaf 50 jaar en de eventuele extracties pas vanaf 53 jaar. Daarom wordt de leeftijdgrens voor extracties gelijk gesteld met die voor uitneembare prothesen, namelijk 50 jaar.
Wondhechtingen voor extracties
De individuele wondhechting wordt opnieuw ingevoerd en kan aanvullend worden aangerekend. Door deze herinvoering zullen de nomenclatuurcodes voor extracties m.b.t. patiënten met verhoogd bloedingsrisico komen te vervallen. Dit zal het aantal verschillende nomenclatuurcodes verminderen en vereenvoudigen.
Supplement voor personen met bijzondere noden (PBN forfait)
Het supplement is nu van toepassing op conserverende zorgen, extractie en chirurgische extracties en zal worden uitgebreid naar profylactische reiniging voor lichamelijk of geestelijk gehandicapten.
Afschaffing van het voorschrift van de behandelende arts voor het thuisbezoek:
Op dit moment kan de raadpleging van een tandarts bij de patiënt thuis alleen plaatsvinden op (schriftelijk) verzoek van de behandelend arts. De tussenkomst van de behandelend arts wordt afgeschaft. Elke handeling die buiten de praktijk wordt uitgevoerd, MOET echter vergezeld gaan van pseudocode 389933 om het RIZIV op de hoogte te brengen.
Vereenvoudiging m.b.t. orthodontie:
De principes van orthodontische behandeling blijven ongewijzigd. Het belangrijkste doel is het schrappen van bijlagen. Dit heeft naast een vereenvoudiging tot gevolg dat e-ATTEST (of e-FACT) gemakkelijk kan worden gebruikt, een systeem waarbij je geen bijlage kunt toevoegen.
- Een opstart van vroege orthodontische behandeling hoeft niet meer gemeld te worden aan het ziekenfonds. Het ziekenfonds wordt bij aanvang van de behandeling op de hoogte gebracht door het attesteren van verstrekking 305933 - Forfait vroege orthodontische behandeling.
Bijlage 60bis (of equivalent) wordt bewaard in het patiëntendossier en ter beschikking gesteld van de adviserend geneesheer.
- Wanneer een reguliere orthodontische behandeling voor de 15e verjaardag begint, is melding aan het ziekenfonds niet meer nodig. Het ziekenfonds wordt bij aanvang van de behandeling op de hoogte gebracht door het attesteren van verstrekking 305631 - Forfait aanvang reguliere orthodontische behandeling.
Bijlage 60 (of een equivalent) wordt bewaard in het dossier van de patiëntendossier en ter beschikking gesteld van de adviserend geneesheer. - Wanneer een reguliere orthodontische behandeling niet kan starten vóór de 15e verjaardag van de patiënt, wordt er een melding ‘verzonden’ naar het ziekenfonds:
- via het attesteren van verstrekking 305572 - Data-analyse en opstellen behandelplan.
Alleen tussen de 13e en 15e verjaardag, om de hieronder beschreven geldigheidsperiode te respecteren. - of via het attesteren van pseudocode 305690.
Opgelet: deze pseudocode MOET worden geattesteerd samen met eender welke andere tandheelkundige nomenclatuurcode.
- via het attesteren van verstrekking 305572 - Data-analyse en opstellen behandelplan.
Deze codes moeten vóór de 15e verjaardag geattesteerd zijn (én in het bezit van het ziekenfonds).
Deze kennisgeving is geldig gedurende een periode van 24 kalendermaanden.
- Het principe van de melding uit voorzorg blijft gehandhaafd: als een reguliere orthodontische behandeling niet kan beginnen vóór de 15e verjaardag van de patiënt, gebeurt de melding uit voorzorg via het attesteren van pseudocode 305756 onder voorbehoud van een gedetailleerde motivering van het uitstel die in het patiëntendossier moet worden opgenomen.
Opgelet: deze pseudocode MOET worden geattesteerd samen met eender welke andere tandheelkundige nomenclatuurcode. - De via bijlage 61 ingevoerde afwijkingsprocedure voor orthodontische behandelingen blijft van kracht.
Aanpassingen aangaande parodontologie:
- De 1ste aanpassing betreft de mogelijke combinatie in dezelfde zittijd van subgingivale reiniging en extractie (inclusief hechtingen).
- De volgende aanpassing staat een cumul in dezelfde zittijd toe tussen een reiniging of een profylactische reiniging met een subgingivale reiniging, op voorwaarde dat ze niet in hetzelfde kwadrant worden uitgevoerd.
Het doel van deze aanpassingen is om te vermijden dat de patiënt meerdere keren terug moet komen en om de diensten in dezelfde zittijd te kunnen uitvoeren. Zeker met de COVID-crisis lijkt het zinloos om meerdere afspraken in te plannen wanneer handelingen in dezelfde zittijd kunnen worden uitgevoerd.
- Een belangrijke wijziging is de verhoging van de leeftijdsgrens voor subgingivale reiniging. Momenteel is de leeftijdsgrens voor het verwijderen van subgingivaal tandsteen (301276 tot 301350) vastgesteld op 55 jaar. Deze leeftijdsgrens zal worden opgetrokken tot 60 jaar.
- Voor het bepalen van de DPSI vereist een toepassingsregel de aanwezigheid van minimaal zes natuurlijke tanden. Deze regel is aangepast zodat implantaten in aanmerking worden genomen bij het bepalen van het aantal aanwezige tanden voor de terugbetaling van deze prestatie. De aanwezigheid van minimaal zes natuurlijke tanden en/of implantaten is vereist.
- Tot slot is de laatste wijziging een verduidelijking van een toepassingsregel. Om een subgingivale reiniging te kunnen attesteren, is het noodzakelijk dat in hetzelfde kwadrant in hetzelfde kalenderjaar of het voorgaande kalenderjaar een reiniging of profylactische reiniging werd vergoed. De wijziging in de nomenclatuur specificeert dat de reiniging of profylactische reiniging moet plaatsvinden vóór de subgingivale reiniging. Hoewel dit vanaf het begin de bedoeling van deze regel was, lijkt het erop dat deze verduidelijking nodig is voor de toepassing ervan in de praktijk. Bovendien wordt het jaarlijkse mondonderzoek toegevoegd als een van de mogelijke voorwaarden, naast de reiniging en de profylactische reiniging.
De voorwaarden voor vergoeding van subgingivale reiniging worden zodus:
-
- indien in hetzelfde kwadrant, gedurende hetzelfde kalenderjaar of in het voorgaande kalenderjaar, een voorafgaande reiniging of profylactische reiniging of jaarlijks mondonderzoek is vergoed;
- en indien bij de patiënt, in hetzelfde kalenderjaar of het voorgaande kalenderjaar, vooraf een DPSI-bepaling werd uitgevoerd (301254);
- en indien bij de laatste bepaling van de DPSI een score van minimaal 3+ is gemeten;
- en indien de behandeling werd uitgevoerd onder plaatselijke verdoving, door middel van infiltratie- of geleidingsanesthesie (geen gels of oppervlakte anesthesie).
De meest recente lijst met tarieven en terugbetalingen (versie juli '22) zal van zodra mogelijk raadpleegbaar zijn via het ledengedeelte van de VBT-website: RIZIV-nomenclatuur en tarieven - VBT