Zoeken
Word lid Zoeken

Supplementenverbod bij patiënten met verhoogde tegemoetkoming (VT): wat moet u als tandarts weten?

door VBT

De invoering van het supplementenverbod voor patiënten met een verhoogde tegemoetkoming  (VT) heeft de voorbije maanden heel wat vragen opgeroepen. Niet alleen over de concrete toepassing, maar ook over de rol van de transparantiecodes en de mogelijkheid om niet-vergoedbare prestaties aan te rekenen.

In de praktijk blijkt dat de begrippen supplement, vrije honoraria en transparantiecodes nog te vaak door elkaar worden gebruikt. Wij zetten de belangrijkste aandachtspunten voor u op een rij.

De gefaseerde invoering

Vanaf 1 januari 2025

Sinds 1 januari 2025 geldt het verbod voor een eerste reeks prestaties uit artikel 5 van de nomenclatuur.

Hieronder vallen onder meer:

  • mondonderzoeken
  • preventieve prestaties
  • restauratieve zorgen
  • eenvoudige extracties
  • uitneembare prothesen
  • verschillende prestaties die werden opgenomen in het nieuwe tandheelkundig akkoord.

Voor deze verstrekkingen mogen bij VT-patiënten geen honorariumsupplementen worden aangerekend.

Vanaf 1 juli 2026

Vanaf 1 juli 2026 wordt het toepassingsgebied uitgebreid tot alle ambulante prestaties uit artikel 5 van de nomenclatuur. (Voor VT-patiënten)

Voor deze prestaties wordt het conventiehonorarium het maximale aanrekenbare honorarium, ongeacht of de tandarts geconventioneerd is.

Wat is precies een supplement?

Een supplement is elk bedrag dat boven het officiële RIZIV-honorarium wordt aangerekend voor een terugbetaalde verstrekking.

Voorbeelden:

  • een hogere consultatieprijs
  • een bijkomende toeslag op een extractie
  • een bijkomend honorarium voor een restauratie
  • een algemene praktijktoeslag

Deze extra bedragen zijn op 1 juli 2026 verboden bij alle prestaties uit artikel 5 voor VT patiënten. 

Wat blijft wel mogelijk?

Een vaak voorkomende misvatting is dat de tandarts geen bijkomende bedragen meer zou mogen aanrekenen. Dat klopt niet.

Er blijft een duidelijk onderscheid bestaan tussen een verboden supplement en een niet-vergoedbare prestatie.

1. Niet-vergoedbare prestaties

Wanneer een behandeling geen RIZIV-prestatie is, blijft vrije tarifering mogelijk.

Voorbeelden zijn:

  • esthetische behandelingen
  • bepaalde digitale workflows
  • behandelingen waarvoor geen nomenclatuurnummer bestaat
  • specifieke implantologische onderdelen

Dit zijn geen supplementen, maar afzonderlijke prestaties die niet door de ziekteverzekering worden terugbetaald.

2. Wettelijke maximumtarieven

Voor een aantal prestaties voorziet de nomenclatuur een maximumtarief. De toepassing van dit tarief is toegestaan wanneer de regelgeving daarin voorziet en kan niet worden beschouwd als een honorariumsupplement.

Wat mag niet afzonderlijk worden aangerekend?

Het RIZIV stelt duidelijk dat het honorarium alle kosten omvat die noodzakelijk zijn voor het uitvoeren van de prestatie.

Daaronder vallen onder meer:

  • praktijkkosten
  • personeelskosten
  • sterilisatie
  • standaardmateriaal
  • administratieve kosten
  • digitale infrastructuur die inherent is aan de verstrekking

Deze kosten mogen dus niet afzonderlijk worden doorgerekend wanneer zij rechtstreeks verbonden zijn met een nomenclatuurprestatie waarop het supplementenverbod van toepassing is.

De visie van VBT

Wij ondersteunen het principe van toegankelijke mondzorg, maar benadrukken tegelijk dat de regelgeving juridisch correct moet worden toegepast.

Daarbij zijn enkele principes essentieel:

  • een verboden supplement blijft verboden, ook wanneer het een andere benaming krijgt
  • transparantiecodes zijn geen instrument om verboden supplementen alsnog te factureren
  • niet-vergoedbare prestaties blijven mogelijk mits correcte communicatie
  • duidelijke informatie aan de patiënt voorkomt discussies en administratieve problemen

Een correcte interpretatie van de regelgeving beschermt zowel de patiënt als de tandarts.

Belangrijk om te onthouden

Het supplementenverbod heeft uitsluitend betrekking op honorariumsupplementen bij bepaalde terugbetaalde prestaties voor patiënten met verhoogde tegemoetkoming.

Alle tandartsen dienen dit te respecteren, ook (partieel) geconventioneerde tandartsen.

Het verbiedt niet:

  • vrije honoraria voor prestaties buiten de nomenclatuur;
  • wettelijk toegelaten maximumtarieven;
  • het gebruik van transparantiecodes overeenkomstig hun wettelijke bestemming.

Een correcte toepassing vraagt een goed begrip van het onderscheid tussen nomenclatuur, supplementen en niet-vergoedbare prestaties. Dat onderscheid blijft de sleutel tot een juridisch correcte en transparante facturatie.

Inloggen
Word lid